Het nieuwe kabinet trekt het wetsvoorstel van het vorige kabinet in, dat moest regelen dat statushouders niet meer automatisch voorrang krijgen bij het toewijzen van sociale huurwoningen. Minister Boekholt-O’Sullivan gaat een nieuwe wet maken die volgens haar wel “uitvoerbaar” is.
De minister van Volkshuisvesting wil nog voor het einde van dit jaar een nieuw voorstel op papier hebben, waarin statushouders dezelfde positie krijgen als andere woningzoekenden op de huurmarkt. Ze krijgen dan dus ook geen voorrang meer alleen vanwege hun status.
Op het voorstel van Boekholts voorganger, oud-woonminister Keijzer, om gemeenten te verbieden nog standaard voorrang te verlenen aan statushouders kwam veel kritiek, onder meer van de Raad van State. De nieuwe minister denkt dat het sneller is om een nieuwe wet te maken, dan om het voorstel van Keijzer aan te passen.
Alternatieve huisvesting
Los van de wet wil ze in een convenant met gemeenten en andere partijen afspreken dat er snel “flexibele woonlocaties voor statushouders” komen, zodat mensen met een verblijfsvergunning wel uit de overbelaste asielzoekerscentra weg kunnen.
Haar plan is om aan te sluiten bij “succesvolle initiatieven in het land die we kunnen opschalen. Zo zijn verschillende gemeenten al aan de slag met alternatieve huisvesting, zoals flexwoningen. Ook woningdelen kan een oplossing zijn.” De nieuwe wet zal pas ingaan als er voor voldoende alternatieve huisvesting is gezorgd.
“Voorrang voor statushouders bij sociale huur knelt steeds meer”, stelt Boekholt, “omdat andere woningzoekenden te lang op een wachtlijst staan”. Ze wil met haar voorstel voor alternatieve huisvesting “de druk op de sociale woningvoorraad verminderen”.
Het huidige beleid is dat gemeenten mogen bepalen wie met voorrang een sociale huurwoning krijgt. Dat blijft voorlopig zo.
Kabinet: kansrijke asielzoekers na drie maanden aan het werk
De ministerraad nam vandaag ook een ander asielplan aan. Dat houdt in dat asielzoekers die kans maken op een verblijfsvergunning na drie maanden aan het werk mogen.
Tot nu toe mogen alle asielzoekers een baan zoeken als hun asielaanvraag minstens een half jaar in behandeling is. Dat geldt ook voor mensen die uit ‘veilige landen’ als Marokko, Tunesië, India en Kosovo komen. Zij maken nauwelijks kans op een verblijfsstatus.
Volgens de nieuwe regels hebben zogenoemde veiligelanders geen recht meer om in Nederland te werken.