Jarenlang zijn vervuilende staalslakken als bouwmateriaal gebruikt in de fundering van wegen, paden en waterwerken. Toezichthoudende instanties zijn in toenemende mate kritisch: wet- en regelgeving beschermen het milieu onvoldoende. Maar die gebrekkige wetgeving is geen toeval, ontdekten Nieuwsuur en Nieuws & Co. Rijkswaterstaat en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat weten al jaren veel meer dan ze de buitenwereld laten weten.
“Ja, je voelt je toch eigenlijk een beetje als een proefkonijn uitgebuit”, zegt Tjitte Hemstra verbolgen. Hemstra, lid van de Provinciale Staten in Friesland namens de Friese Nationale Partij (FNP), staat langs de snelweg N31 bij knooppunt Werpsterhoek, ten zuiden van Leeuwarden.
Terwijl de auto’s voorbij razen, vertelt hij samen met zijn collega Jochem Knol (GroenLinks) over wat hier de afgelopen jaren is gebeurd. “Sloten die heel erg smerig bleken te zijn. Op een gegeven moment werden ze wit en de vissen gingen dood en toen zagen we enorme milieugevolgen”, zegt Knol.
In 2014 wordt deze zogeheten Haak om Leeuwarden aangelegd. Waar je voorheen nog door de binnenstad van Leeuwarden moest rijden als je vanuit Harlingen richting Heerenveen of Drachten wilde, zorgt ‘de Haak’ voor een route om de provinciehoofdstad heen. “Het is een hele belangrijke verbindingsweg”, legt Knol uit.
De aanleg van de Haak is een gezamenlijk project van de provincie Friesland en Rijkswaterstaat. Die laatste is verantwoordelijk voor aanleg, beheer en onderhoud van alle rijkswegen in Nederland.
Wat de provincie Friesland en de Statenleden niet weten is dat de Haak om Leeuwarden door Rijkswaterstaat is uitgekozen als een proefproject. De dienst wil hier een test doen met het gebruik van zogeheten staalslakken in de fundering van de weg. Een test die zal mislukken, en leidt tot milieuschade en forse kosten voor de provincie.
De afgelopen jaren trekken toezichthoudende instanties als de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), het RIVM en de Algemene Rekenkamer steeds nadrukkelijker aan de bel over de risico’s van staalslakken. Het gebruik ervan leidt op een aantal plekken tot grote milieuproblemen.
Recent onderzoek van platform Investico in samenwerking met Nu.nl laat zien dat het op meer dan honderd plekken in Nederland ligt. Maar die inventarisatie is niet compleet. Omdat er geen meldplicht voor het gebruik of restricties voor de toepassing van staalslakken zijn, is onduidelijk waar het materiaal allemaal is gebruikt.
Vorige maand nog concludeerde de ILT voor de tweede keer in twee jaar tijd dat wet- en regelgeving onvoldoende beschermen tegen de milieurisico’s van staalslakken. Zelfs als aannemers alle wettelijke regels volgen, ontstaan er problemen. Staatssecretaris Chris Jansen (PVV) van Milieu blijft echter bij het standpunt dat staalslakken “mits goed toegepast” veilig gebruikt kunnen worden.
Onderzoek van Nieuws & Co en Nieuwsuur laat nu zien hoe Rijkswaterstaat én het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat jarenlang de risico’s van staalslakken verzwijgen en het gebruik ervan juist aanprijzen om zo Tata Steel te helpen af te komen van zijn restproduct. Als Rijkswaterstaat wil stoppen met de staalslakken vanwege “onacceptabele risico’s”, geeft het ministerie opdracht het materiaal tóch te gebruiken. Lokale overheden blijven zitten met de gevolgen: lokale milieuproblemen en hoge kosten voor het saneren van de grond.
Gootsteenontstopper
“Wat er gebeurt: als het regent lekken er allemaal stoffen uit die staalslakken.” Ecotoxicoloog Milo de Baat loopt door het weiland bij Spijk, gemeente West-Betuwe. Hij wijst op een berg grijze steenachtige brokken van tientallen meters hoog: staalslakken. Vanaf 2018 werd er zo’n 670.000 ton een jaarproductie van Tata Steel aan staalslakken naar Spijk gebracht voor het aanleggen van een geluidswal langs de snelweg A15.
Ook hier gaat het mis. “Dat is in maart 2019 geweest”, zegt burgemeester Servaas Stoop van West-Betuwe. “Het waterschap constateerde dat er sprake was van verkleuring van het water en toen heeft de gemeente de activiteiten onmiddellijk stilgelegd.”
De verkleuring van het water komt door een extreem hoge pH-waarde, ofwel een lage zuurgraad, vergelijkbaar met gootsteenontstopper. Staalslakken bevatten ongebluste kalk, dat de pH-waarde van het water in korte tijd fors kan doen stijgen. “Dat zorgt voor een hoge toxische druk”, zegt De Baat.
Maar hij wijst ook op hoge percentages zware metalen die rond de staalslakken in Spijk zijn gemeten. “Continu zullen er hier bij elke regenbui zware metalen in het ecosysteem terechtkomen. En dat dus op al die plekken.” Die zware metalen breken niet af en kunnen zich gaan ophopen in het watersysteem. Dit draagt volgens De Baat bij aan de problemen met waterkwaliteit die in het hele land spelen. “Het is zeker niet het enige probleem dat we hebben qua waterkwaliteit, maar het draagt er op een negatieve manier aan bij.”
Zes jaar verder liggen de staalslakken er nog steeds. “Ze kunnen niet worden afgevoerd omdat niemand het materiaal wil hebben”, zegt burgemeester Stoop. Ondertussen lopen de kosten van de beheersmaatregelen en de juridische afwikkeling over de vraag wie er verantwoordelijk is alsmaar verder op. “Het heeft de gemeente gemiddeld genomen 350.000 euro per jaar gekost.”
Zowel de situatie in Spijk als op vijf verschillende plekken in Friesland waar staalslakken zijn gebruikt, werden recent door de ILT onderzocht. De inspectie meet op al die plekken water met een verhoogde pH-waarde en verhoogde concentraties van zware metalen. Hetzelfde bleek al uit een eerder onderzoek twee jaar geleden.
Met dat onderzoek werd tot nog toe weinig gedaan. De ILT voert daarom de druk op het ministerie en verantwoordelijk staatssecretaris Jansen van Milieu op. Toepassing van staalslakken op land is te risicovol voor het milieu, zo stelt de inspectie. Een conclusie die recht ingaat tegen de lijn van Jansen, die volhoudt dat staalslakken veilig zijn “mits ze goed worden toegepast”.
‘Grote ecologische en economische schade’
De huidige regelgeving voor het gebruik van staalslakken dateert van bijna twintig jaar geleden. In 2007 werd het zogeheten Besluit Bodemkwaliteit ingevoerd, “ter bescherming en het duurzame beheer van de bodemkwaliteit”. Tot die tijd gold het zogeheten Bouwstoffenbesluit, met vrij strikte normen voor het gebruik van mogelijk schadelijke stoffen. Maar dat werd in een evaluatie “te ingewikkeld, te duur, te star en te slecht handhaafbaar” bevonden.
Ook destijds waren er al lokale problemen met staalslakken. Gebluste kalk in de staalslakken zorgt voor een sterk gestegen pH-waarde van het oppervlaktewater. Dat kan zo hoog oplopen dat het vergelijkbaar is met gootsteenontstopper, wat ervoor zorgt dat alle vissen en andere organismen doodgaan.
Zo wordt het in 2005 gebruikt onder een bedrijventerrein in Hoogezand-Sappemeer, wat leidt tot vervuiling van het terrein in het naastgelegen oppervlaktewater. In datzelfde jaar moet in Akkrum (gemeente Heerenveen) een sloot volledig worden leeggepompt en de bodem uitgegraven en afgevoerd. Een studie in opdracht van Deltares spreekt van “grote ecologische en economische schade”.
De incidenten met staalslakken nopen het toenmalige ministerie van VROM om tussentijds in te grijpen. Een zogeheten circulaire waarschuwt aannemers en lokale overheden in juni van 2005 voor het gebruik van staalslakken. In het nieuwe Besluit Bodemkwaliteit dat op dat moment wordt voorbereid, moeten definitieve regels komen die beschermen tegen de risico’s van staalslakken.
In een eerste versie van het nieuwe Besluit Bodemkwaliteit van maart 2006 gebeurt dat inderdaad. Staalslakken zouden voortaan als zogeheten IBC-bouwstof worden geclassificeerd. En dat heeft forse gevolgen voor het gebruik ervan.
IBC staat voor “isoleren, beheren en controleren”. Met andere woorden: staalslakken zouden alleen gebruikt mogen worden als ze worden afgedicht (“isoleren”), zodat er geen water bij kan komen. Daarnaast moet gecontroleerd worden of de bescherming in stand blijft én moeten de bouwstoffen teruggenomen kunnen worden.
Negatief inmago
Al die extra maatregelen zouden het gebruik van staalslakken flink duurder maken, zo’n 4,5 miljoen euro aan extra kosten per jaar verwacht het ministerie van VROM. Omdat er daardoor minder vraag zal zijn, verwacht het ministerie ook een prijsdaling van staalslakken. Dat zal bedrijven die het materiaal verhandelen nog eens 2,5 miljoen euro per jaar kosten.
De leverancier van de staalslakken die Tata Steel produceert, het bedrijf Pelt & Hooykaas, reageert verbolgen. Als staalslak als IBC-bouwstof wordt geclassificeerd, heeft het “geen toekomst” meer als bouwmateriaal voor ophogingen of wegfunderingen, zo schrijft het in een lobbystuk dat is ingezien door Nieuwsuur en Nieuws & Co. “De huidige praktijk leert dat niemand daar op zit te wachten (zeker niet op 800.000 ton/jaar)”, aldus de leverancier. Het zou bovendien staalslakken een “dermate negatief imago” geven dat ook andere toepassingen “bij voorbaat kansloos zijn”.
Pelt & Hooykaas laat in een reactie weten “net als andere marktpartijen in consultaties en werkgroepen” te hebben meegepraat over toekomstige regelgeving.
Het overleg met het bedrijfsleven wordt destijds aan de Tweede Kamer gemeld door toenmalig staatssecretaris van Milieu Pieter van Geel (CDA). Via zogeheten “bedrijfsffectentoetsen” wordt gekeken wat de gevolgen van de nieuwe regels voor bedrijven zijn. Staalslakkenleverancier Pelt & Hooykaas reageerde via zijn lobbystuk op die bedrijfseffectentoets.
In september 2006 wordt een akkoord bereikt, schrijft Van Geel. “De [bedrijfseffectentoets] voor bouwstoffen is inmiddels afgerond en geaccepteerd door het bedrijfsleven. (…) Dit betekent dat de eerdere knelpunten als gevolg van de normstelling bij onder andere de bakstenen, staalslakken en bitumenmaterialen zijn opgelost.” Wat die knelpunten precies zijn en hoe die worden “opgelost”, is niet duidelijk.
Wat er precies in de bedrijfseffectentoetsen staat, en hoe die worden “afgerond en geaccepteerd door het bedrijfsleven” is niet terug te vinden in de parlementaire stukken uit die tijd. Het ministerie zegt er geen vragen over te kunnen beantwoorden, omdat het de bedrijfseffecttoetsen niet terug kan vinden.
Wel is duidelijk dat staalslakken in het definitieve Besluit Bodemkwaliteit niet langer worden geclassificeerd als IBC-bouwstof, waardoor het zonder restricties toegepast kan worden. Precies zoals leverancier Pelt & Hooykaas wenste. Het ministerie zegt dat er met de nieuwe wet “een goede balans bestaat tussen de bedrijfseffecten en de milieueffecten”.
Staalslakkenleverancier Pelt & Hooykaas laat weten: “De uiteindelijke keuze om [staalslakken] niet expliciet als IBC-bouwstof te benoemen in het definitieve Besluit Bodemkwaliteit is het resultaat van brede consultatie en wetenschappelijke en milieutechnische afwegingen waar meerdere partijen bij waren betrokken. Pelt & Hooykaas was een van de vele spelers uit de branche die is geconsulteerd zonder directe invloed op de uiteindelijke besluitvorming.”
‘Onacceptabele risico’s’
In de jaren daarna worden staalslakken door Rijkswaterstaat gebruikt als fundering voor rijkswegen, maar niet zonder problemen. Meermaals constateert de dienst dat het oppervlakte- of grondwater een hoge pH-waarde krijgt na het toepassen van staalslakken.
Echt mis gaat het in 2009 bij de snelweg A28 bij Hoogeveen, waaronder ook een fundering van staalslakken ligt. Door ‘bloemkool- en scheurvorming’ in de laag staalslakken ontstaan hobbels in het wegdek, zegt een woordvoerder van Rijkswaterstaat. De gehele bovenbouw van de weg moet opgebroken en vervangen worden.
De directeur van Rijkswaterstaat neemt de situatie hoog op. Hij kaart de problemen aan bij toenmalig minister Camiel Eurlings van Verkeer en Waterstaat. Na afstemming met de minister wordt besloten dat het gebruik van bepaalde bouwstoffen niet mag leiden tot “onacceptabele risico’s” voor de wegen die Rijkswaterstaat beheert. In de praktijk komt het erop neer dat Rijkswaterstaat staalslakken niet langer gebruikt als funderingsmateriaal voor wegen.
Het besluit blijkt echter van korte duur. Rijkswaterstaat was grootafnemer van de staalslakken, die zich nu ophopen bij Tata Steel en leverancier Pelt & Hooykaas. Die stappen naar het ministerie en vragen hulp bij dit “afzetprobleem”. En het ministerie, dat nog maar kort daarvoor besloten had te stoppen met staalslakken, gaat in op dat verzoek.
Rijkswaterstaat krijgt de opdracht van het ministerie opnieuw te onderzoeken hoe staalslakken gebruikt kunnen worden in het hoofdwegennet, schrijft de dienst in een intern stuk. Het start een aantal proefprojecten waar opnieuw staalslakken worden gebruikt, waaronder het project Haak om Leeuwarden.
Waaróm Rijkswaterstaat en het ministerie alsnog besluiten weer staalslakken te gaan gebruiken, wordt bij navraag niet precies duidelijk. Het ministerie laat weten geen vragen te kunnen beantwoorden, omdat “over deze melding niets bekend is”. Zelfs nadat Nieuwsuur en Nieuws & Co het openbare stuk aanwijzen waarin de melding genoemd wordt, wil het ministerie niet ingaan op vragen.
Rijkswaterstaat laat weten dat het “niet kon achterhalen” wie de opdracht gaf weer staalslakken te gaan gebruiken. Op de vraag waarom het een afzetprobleem van Tata Steel en/of Pelt & Hooykaas zou moeten oplossen, zegt een woordvoerder: “Rijkswaterstaat heeft op zich niks te maken met eventuele afzetproblemen van staalslakken. Wel is het zo dat Rijkswaterstaat als uitvoeringsinstantie uitvoering geeft aan het beleid van Infrastructuur en Waterstaat om te streven naar een circulaire economie.”
“Dat vind ik echt te ver gaan”, oordeelt hoogleraar integriteit Rob van Eijbergen. “Ik vind het niet echt vertrouwenwekkend voor een instituut als Rijkswaterstaat als ze zo handelen. En ook het ministerie en het samenspel tussen die twee partijen.”
Opvallend is dat een medewerker van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) een paar jaar geleden een gedetailleerde beschrijving geeft van hoe het destijds is gegaan. Een adviseur van Rijkswaterstaat vertelt de ILT-medewerker dat het ministerie zowel Rijkswaterstaat als de provincie Friesland verplichtte staalslakken te gebruiken in het project Haak om Leeuwarden. Het ILT bevestigt bij navraag de lezing van de medewerker.
Het ministerie wil de lezing van ILT bevestigen noch ontkennen. Rijkswaterstaat zegt niet te weten wie de adviseur zou zijn, en gaat verder niet in op vragen.
De provincie Friesland bevestigt dat “het Rijk” destijds staalslakken “promootte”, maar heeft naar aanleiding van vragen van Nieuwsuur nog niet kunnen achterhalen hoe alles precies is gegaan destijds. Wel laat het weten dat het de provincie niet bekend was dat het ging om een proefproject, of van de eerdere problemen die Rijkswaterstaat had met het gebruik van staalslakken.
Niet gecommuniceerd
Daarmee zijn we terug in Leeuwarden, bij het knooppunt Werpsterhoek en twee boze leden van de provinciale Staten. “Blijkbaar gaan de belangen van Tata Steel voor de belangen van de bewoners hier in Friesland”, zegt Jochem Knol (GroenLinks).
“Ze wisten dat er zware metalen uit zouden kunnen komen die dan in ons drinkwater en onze natuur terecht zouden komen”, vult Tjitte Hemstra (FNP) aan. “Mensen kunnen daar ook mee in aanraking komen en dat wisten ze schijnbaar allemaal. En nog zeggen ze: ja maar daar in Friesland, probeer het daar nog maar eens een keer uit met die mensen.”
En niet alleen in Friesland gaat het mis. In alle proefprojecten die Rijkswaterstaat in opdracht van het ministerie uitvoert, ontstaan opnieuw civieltechnische én milieuproblemen. Het leidt ertoe dat Rijkswaterstaat in 2016 opnieuw besluit te stoppen met het gebruik van staalslakken in de wegenbouw, nadat dit eerder al was besloten in 2009.
Het opvallende is echter dat dit besluit nergens is terug te vinden. Desgevraagd zegt een woordvoerder: “Rijkswaterstaat heeft niet actief gecommuniceerd te stoppen met het gebruik van staalslakken in de wegenbouw.” Op de vraag waarom dat niet is gebeurd, geeft hij geen antwoord.
“Een hele dubieuze en vooral ook onprofessionele rol van Rijkswaterstaat”, zegt integriteitshoogleraar Van Eijbergen. “Door te zeggen: ‘ja we hebben dat inderdaad niet actief gecommuniceerd’, daar blijkt voor mij uit dat ze zich niet goed realiseren wat de consequenties hiervan zijn.”
Want aannemers, Provinciale Waterstaten en lokale overheden weten niet van het besluit van Rijkswaterstaat om te stoppen met het gebruik van staalslakken. “Schijnbaar wegen onze belangen qua veiligheid, schoon water en schone leefomgeving niet zwaar genoeg om ons daarvan op de hoogte stellen”, constateert Statenlid Knol.
Afzetproblemen
Nadat Rijkswaterstaat in 2016 definitief besluit te stoppen met staalslakken in de wegenbouw, meldt Tata Steel zich opnieuw bij het ministerie. Ditmaal met de vraag om een zogeheten rechtsoordeel, een bijzondere verklaring van het ministerie, dat staalslakken geen afval zijn, maar een “bijproduct” van de staalproductie.
Waarom is dat onderscheid van belang? Afvalstoffen vallen onder veel strengere regelgeving. Zo blijft een bedrijf verantwoordelijk voor het materiaal, ook als het al is verkocht. Ook kan het niet zomaar worden toegepast door afnemers, als die al te vinden zijn. Als staalslakken als “bijproduct” worden bestempeld, gelden die toepassingsrestricties niet. Het is voor Tata Steel dus van groot belang dat de vele honderdduizenden tonnen aan staalslakken als “bijproduct” worden gezien, en niet als afval.
Het verzoek wordt uitgerekend door Rijkswaterstaat in behandeling genomen. Om te bepalen of er sprake is van een “bijproduct” moeten de staalslakken aan vier voorwaarden voldoen. Twee daarvan zijn moeilijk te rijmen met de ervaringen die Rijkswaterstaat zelf eerder had met het materiaal.
Ten eerste moet zeker zijn dat er kopers zijn voor de staalslakken. Dat is zeer de vraag: Rijkswaterstaat was grootafnemer, maar toen het in 2009 korte tijd besloot geen staalslakken meer te gebruiken, meldde Tata Steel zich direct met “afzetproblemen”.
Een andere voorwaarde is dat het gebruik van staalslakken niet mag leiden tot ongunstige effecten op het milieu of de menselijke gezondheid. Dat verhoudt zich slecht tot milieuproblemen in de eigen projecten zelfs bij de laatste proefprojecten.
Toch concludeert Rijkswaterstaat uiteindelijk dat staalslakken de status van “bijproduct” kunnen krijgen, en geschikt zijn voor gebruik in grond-, weg- en waterbouw. In september 2017 tekent het ministerie het rechtsoordeel af en krijgt Tata Steel de gewenste verklaring.
Rijkswaterstaat wil niet ingaan op de vraag waaróm het rechtsoordeel werd afgegeven, ondanks de eerdere problemen die het zelf ondervond met de staalslakken. Omdat een medewerker van Rijkswaterstaat door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat werd ingehuurd om het rechtsoordeel op te stellen, vindt de dienst dat het ministerie antwoord moet geven op vragen hierover.
Het ministerie laat weten dat het rechtsoordeel en de ervaringen van Rijkswaterstaat “los van elkaar staan”. “Het rechtsoordeel was een advies in een specifiek geval waarin gekeken wordt of er geadviseerd kan worden dat in die situatie sprake is van de bijproductstatus van staalslakken. Een andere situatie is weer een ander specifiek geval met eigen feiten en omstandigheden.”
Het ministerie benadrukt dat een rechtsoordeel geen formele juridische status heeft. “Een rechtsoordeel is geen beleid en geen beschikking.”
“Onbegrijpelijk”, oordeelt hoogleraar integriteit Rob van Eijbergen over het handelen van Rijkswaterstaat en het ministerie bij het rechtsoordeel. Hij spreekt van een “integriteitsissue” bij de betrokken overheidsinstanties. “Als je willens en wetens negeert dat op beide voorwaarden problemen zijn voor zowel de afzetmarkt als het milieu – dan vind ik dat niet integer.”
Navraag van Nieuwsuur en Nieuws & Co onder aannemers, lokale overheden en handhavers, leert dat in de praktijk juist veel waarde wordt gegeven aan het rechtsoordeel. Aannemers zien het als een “goedkeuring” van staalslakken door het ministerie. Ook lokale overheden krijgen het gevoel dat er een stempel op het product staat waardoor het lijkt alsof het om een “veilig” materiaal gaat.
Als het dan misgaat, zoals in Friesland of bij Spijk, is het voor handhavers veel lastiger om op te treden. Bronnen binnen handhaving bevestigen dat het rechtsoordeel van het ministerie strafzaken veel lastiger maakt. Een woordvoerder van het Openbaar Ministerie zegt daarover: “Het Openbaar Ministerie kent het oordeel van Rijkswaterstaat. Hoewel dat oordeel geen juridische status heeft, is het begrijpelijk dat het als richtinggevend wordt gezien.”
Circulaire economie
Pas de laatste jaren ontstaat er meer aandacht voor de problemen die staalslakken kunnen veroorzaken. In 2022 waarschuwt het RIVM voor het eerst in een groot onderzoek, dat wordt uitgevoerd in opdracht van de Inspectie Leefomgeving en Transport. Dat leidt in 2023 tot een formele waarschuwing van de ILT. Wet- en regelgeving beschermen het milieu onvoldoende tegen het gebruik van staalslakken, stelt ILT.
Tot veel verandering in het beleid van het ministerie leidt dit niet. Nog altijd stelt staatssecretaris Chris Jansen (PVV) van Milieu, en zijn voorganger Vivianne Heijnen (CDA), dat staalslakken veilig zijn “mits ze goed worden toegepast”.
Het leidt er toe dat de ILT zich genoodzaakt ziet een tweede keer onderzoek te doen. Vorige maand kwam de inspectie met dezelfde conclusie. Van de tien verschillende plekken die de ILT onderzocht waar staalslakken volgens de regels waren gebruikt, was op negen plekken toch milieuverontreiniging ontstaan. De enige plek waar dit niet gebeurde was waar de aannemer de staalslakken had afgedekt (geïsoleerd). Dat was precies wat de politiek twintig jaar geleden van plan was om te verplichten bij het gebruik van staalslakken, tot die bepaling uit de wet verdween na druk vanuit het bedrijfsleven.
Tussen de twee onderzoeken van de ILT in was ook de Algemene Rekenkamer kritisch op het gebrek aan actie vanuit het ministerie. “Een inspectie waarschuwt niet zomaar twee keer”, zegt collegelid Barbara Joziasse van de Algemene Rekenkamer. “Dat betekent echt: hier gaat iets mis. De minister en de staatssecretaris hadden kunnen weten dat de problemen zodanig zijn dat er zo snel mogelijk een aanpak nodig is. En niet pas over vijf jaar.”
Joziasse wijst erop dat in het verleden verschillende kabinetten ervoor gekozen hebben om in te zetten op een “circulaire economie”. “Dus als er een restant is zoals bij de staalproductie, wat eigenlijk afval is natuurlijk, dan proberen we dat opnieuw te gebruiken. Maar op het moment dat die vrij toepasbare staalslakken lijden tot schade aan datzelfde milieu wat je wil beschermen, dan gaat er toch iets mis.”
De provincie Friesland laat weten het “een kwalijke zaak” te vinden dat staalslakken nog steeds een wettelijk toegestane bouwstof zijn. In 2016 besloot de provincie zelf – na problemen bij zowel het project Haak om Leeuwarden, als de weg tussen Dokkum en Nijega – geen staalslakken meer te gebruiken in de eigen bouwwerken. Dat is destijds aangekaart bij Rijkswaterstaat, zegt een woordvoerder.
In reactie op de laatste waarschuwing van de ILT kondigde staatssecretaris Jansen van Milieu aan opnieuw onderzoek te willen doen, zelfs naar het mogelijk wettelijk verbieden van toepassing van staalslakken. Maar Joziasse wijst erop dat meer onderzoek alleen maar verder uitstel betekent.
“Ik voel nog niet echt een erkenning van dit probleem. Ik zie wel inspanningen om onderzoek te doen en verkenningen te doen hoe het op te lossen. Maar de crux van het probleem is toch wat mij betreft het tempo. Op het moment dat wij praten, gebruikt er waarschijnlijk ergens een aannemer in Nederland staalslakken voor het aanleggen van een talud of voor de afdekking van een afvalstort. Dat kan gewoon. Dus terwijl wij praten, gaat dit gewoon door. Ja, je kan zeggen een tikkende tijdbom, maar dat is eigenlijk wel waar we het over hebben.”