Toenmalig woonminister Keijzer wees ze persoonlijk aan: vier gemeenten die voor grootschalige woningbouw kunnen zorgen door samen ruim 30.000 huizen te bouwen. De plannen zijn inmiddels af en goedgekeurd door het ministerie. Ook de financiering voor de woningbouwlocaties is rond. Het enige probleem: het kabinet heeft geen geld voor de wegen en de spoorlijnen om deze huizen bereikbaar te maken. Dus kan de bouw niet beginnen.

Het gaat om de steden Alkmaar, Apeldoorn, Hengelo/Enschede en Helmond. Zij kregen vorig jaar zomer te horen dat zij uit vele kandidaten gekozen waren voor nieuwe grootschalige bouwlocaties. Achtereenvolgende regeringen zetten in op dit soort grote nieuwe woonwijken.

Minister De Jonge (Rutte IV) wees er zeventien aan, Keijzer (kabinet-Schoof) deze vier en het huidige kabinet wil er voor de zomer nog negen aan toevoegen. Allemaal vanuit het idee: hier kunnen grote stappen worden gezet om het tekort van 400.000 woningen weg te werken.

Al die nieuwe woningen moeten wel bereikbaar zijn via de weg of het spoor. Dat is een voorwaarde om met de bouw te kunnen beginnen, maar daar zit nu het probleem.

Tunnels onder het spoor

Het vorige kabinet had een budget van 2,5 miljard euro voor de bouw van dit soort wegen, tunnels en sporen. De vier nieuwe grootschalige locaties mochten een aanvraag indienen voor geld. In totaal hebben zij 425 miljoen euro nodig om de ruim 30.000 nieuwe huizen bereikbaar te maken.

In Apeldoorn gaat het bijvoorbeeld om twee tunnels onder het spoor door. Het plan is daar ruim 6300 huizen te bouwen en de bewoners moeten de stad in en uit kunnen zonder steeds voor een spoorwegovergang te staan. De gemeente heeft hier dit jaar al 100 miljoen euro voor op de begroting staan en heeft nog 100 miljoen van het Rijk nodig.

Maar toen die 2,5 miljard euro eind vorig jaar verdeeld werd, besloot toenmalig minister Keijzer deze locaties nul euro toe te kennen voor infrastructuur. Zij besloot het geld te verdelen over de zeventien grootschalige locaties die al werden aangewezen door haar voorganger De Jonge. Voor de vier nieuwe locaties was geen geld meer.

Een hard gelag voor de Apeldoornse wethouder Wenzkowski. “Ik was best wel chagrijnig toen ik dat bericht kreeg”, zegt hij. “Wij kunnen onze ambities nu niet waarmaken.” Hij hoopt nog steeds dat het kabinet met geld over de brug komt voor de twee grote bouwlocaties in zijn stad.

In een Kamerbrief hierover schreef Keijzer afgelopen november: “We realiseren ons goed dat dit nu niet genoeg zal zijn voor de totale ontwikkeling van deze locaties”. Maar volgens haar was het “aan een nieuw kabinet” om het geld alsnog te vinden. Al heeft het nieuwe kabinet-Jetten dat geld ook niet zomaar.

‘Geen pinautomaat met gratis geld’

Het budget van het ministerie van Volkshuisvesting is inmiddels op en daardoor komt dit op het bordje van het ministerie van Infrastructuur. Alleen maakte dat ministerie eerder dit jaar bekend dat er tussen nu en 2039 een gat in de begroting zit van maar liefst 80 miljard euro voor het onderhoud en de bouw van alle infrastructuur in Nederland.

Veel snelwegen en bruggen zijn verouderd en hard aan onderhoud toe, maar het geld is beperkt. “Er staat geen pinautomaat met gratis geld hier op het ministerie”, zegt minister Karremans van Infrastructuur. “Dus we zullen moeten kiezen. Hoe kunnen we het geld zo goed mogelijk uitgeven voor de automobilist, de woningzoekende en de economie? Dat zijn we nu aan het afwegen.”

De betrokken gemeentebesturen stuurden onlangs een brandbrief naar het kabinet. “Zonder deze investering blijven woningen in deze gebieden uit, en daarmee het perspectief voor duizenden huishoudens”, staat erin. “Wij staan klaar om ruim 30.000 woningen in onze vier grootschalige woningbouwlocaties te bouwen: geef ons het startsein. Aan de slag!”

Na de zomer maakt het kabinet bekend op welke projecten het gaat inzetten en welke op de lange baan worden geschoven. Tot die tijd kunnen ze in Alkmaar, Apeldoorn, Hengelo/Enschede en Helmond niet anders dan wachten.