Het wordt hard werken. Dat erkende D66-leider Jetten nadat hij had bekendgemaakt dat de formerende partijen gaan voor een minderheidskabinet. Want een minderheid betekent dat zo’n kabinet voor elk (wets)voorstel en elke begroting zijn best moet doen om andere partijen te overtuigen. Hoe moet dat in zijn werk gaan?

Vooropgesteld: hoe en wat precies weten de drie partijleiders zelf ook nog niet. Gisteren hebben ze de knoop pas doorgehakt en verder moeten ze het “nog in kaart brengen”, aldus VVD-leider Yesilgöz. Veel, of eigenlijk alles, hangt af van de opstelling van andere partijen. Die zijn immers nodig voor meerderheden: een voorstel wordt in het parlement pas aangenomen als minstens 76 Kamerleden – de helft plus één – voor stemt.

Gedoog-opzet

Komende week gaan Jetten, Yesilgöz en CDA-leider Bontenbal (samen goed voor 66 van de 150 Tweede Kamerzetels) “koffiedrinken” met andere partijleiders om te zien hoe die erin staan. Jetten zegt daarbij te hopen op “nieuwe vormen van samenwerking”, maar hoe die eruitzien, vertelt hij niet.

Bij een eerdere minderheidsconstructie, het kabinet-Rutte I van VVD en CDA, was er een partij (PVV) die niet in de coalitie zat, maar wel gedoogsteun gaf. Dat was van tevoren afgesproken en daarmee was het kabinet verzekerd van een meerderheid. Totdat de PVV het gedoogakkoord opzegde, omdat de partij nieuwe bezuinigingen niet wilde dragen.

Een dergelijke gedoog-opzet lijkt er nu niet in te zitten. Volgens informateur Letschert zitten de andere partijen daar “niet heel erg om te springen”. Maar de hoop is dat ze er wel op zitten te wachten om op voor hen belangrijke onderwerpen steun te geven. Zo zou je bij stikstof- en klimaatmaatregelen kunnen denken aan GroenLinks-PvdA en bij migratie aan JA21.

Langdurige afspraken

De hoop is verder dat op een aantal grote onderwerpen misschien nog wel bredere steun gevonden kan worden. Jetten noemt geopolitiek, woningbouw, defensie, het versterken van de economie. De D66-leider denkt zelfs aan afspraken die het langer dan één kabinetsperiode “volhouden”.

“We gaan met zijn drieën vol vertrouwen dit pad op”, zegt Yesilgöz:

Overigens is het niet gek om (van tevoren) zoveel mogelijk steun te verwerven. Want 66 van de 150 zetels hebben in de Tweede Kamer is één ding; de drie partijen hebben het in de Eerste Kamer nog minder breed. D66, VVD en CDA komen daar op slechts 22 van de 75 zetels. En ook in de senaat moeten plannen en begrotingen met een meerderheid worden aangenomen.

Lusten en lasten

Er zit dus een risico in deze minderheidsvariant, een kans op stilstand. Want wat als je de anderen niet meekrijgt? Zeker als het gaat om moeilijke keuzes, zoals bezuinigingen op zorg en sociale zekerheid waar deze drie partijen op af lijken te koersen. Waarom zou je dat soort maatregelen voor je rekening nemen als oppositiepartij?

Bontenbal zegt er niet zo bang voor te zijn dat partijen alleen de lusten willen en niet de lasten. Volgens hem is er in de Kamer best animo voor “prudent begrotingsbeleid” en ook voor bijvoorbeeld uitgaven aan defensie en woningbouw, die ergens van betaald moeten worden. De CDA-leider ziet “een groot verantwoordelijkheidsbesef”.

Informateur Letschert erkent dat er een risico in de gekozen vorm zit, maar tegelijk zegt ze dat een meerderheid ook geen garantie is voor een doorslaand succes. Ze wijst erop dat er de afgelopen jaren een aantal meerderheidskabinetten voortijdig is gesneuveld. “Deze variant vergt een nieuwe samenwerking met het parlement”, is haar aanbeveling. “Oppositiepartijen moeten medeverantwoordelijkheid nemen.”

Of en in welke mate ze dat gaan doen, moet blijken. GroenLinks-PvdA noemt de minderheidscoalitie een “riskant experiment”. Gevraagd naar hoe constructief de partij zich zal opstellen, is het antwoord dat er “voorstel per voorstel” wordt gekeken. JA2 heeft het over “een gemiste kans”, maar zegt het beleid van het minderheidskabinet “met een opbouwend kritische blik” te gaan beoordelen.

Personele aard

Om oppositiepartijen gunstig te stemmen, zal de coalitie rekening moeten houden met het uitdelen van inhoudelijk wisselgeld (steun jij dit, dan krijg je dat ervoor terug). Maar ook gebaren van personele aard zijn niet uitgesloten. Desgevraagd zei Jetten gisteren dat het aanstellen van bewindspersonen van een oppositiepartij nog op tafel ligt.

Hoe het uitpakt, zal de komende weken en maanden duidelijker worden. De drie gaan eerst andere partijleiders spreken, en inhoudelijk en financieel moeten Jetten, Yesilgöz en Bontenbal er ook nog uitkomen. Daarna moeten er bewindspersonen worden gevonden. Het idee is nu dat er dan half februari een nieuw kabinet op het bordes kan staan.