Een pijnlijk blauwtje voor het aanstaande kabinet: nog voordat de coalitiepartijen een voorstel konden indienen voor een onderzoek naar het verhogen van de kiesdrempel, is het plan al weggestemd. De oppositiepartijen in de Tweede Kamer zijn allemaal tegen.

ChristenUnie-leider Mirjam Bikker diende de motie tegen het onderzoek in. “Je moet niet iets onderzoeken wat je al onderzocht hebt en waarvan al duidelijk is dat het niet gaat helpen om ons land beter bestuurbaar te maken, terwijl je heel constructieve partijen zoals de SGP en de ChristenUnie verder in het nauw brengt.”

D66, CDA en VVD stelden het onderzoek naar een hogere kiesdrempel voor in hun coalitieakkoord. Zo’n drempel moet de versplintering van het politieke landschap tegengaan.

Nu komen nieuwe partijen relatief makkelijk in de Tweede Kamer. Om één zetel te halen, had een partij bij de afgelopen verkiezingen 70.480 stemmen nodig: 0,67 procent van het totaal. In andere landen ligt die drempel een stuk hoger. In Duitsland bijvoorbeeld op 5 procent.

Op dit moment zitten er vijftien partijen in de Kamer, wat volgens de coalitiepartijen de coalitievorming bemoeilijkt. En in de Kamer leidt dat tot steeds langere debatten, met kortere spreektijden. “Als je in de toekomst alleen maar meer kleine partijen hebt, kun je je afvragen of je daarmee nog goede besluitvorming rond kan krijgen”, zegt VVD-leider Dilan Yesilgöz.

‘Middelgrote partijen zijn het probleem’

Kleine partijen reageerden verbolgen op het kiesdrempelplan. Zij dreigen te verdwijnen als een partij minimaal drie, vier of vijf zetels moet hebben. “Welke partijen hebben de afgelopen jaren veel betekend om dit parlement en het kabinet een beetje overeind te houden? Over het algemeen de partijen die niet al te groot waren”, zegt SGP-leider Chris Stoffer. “Die nemen het soms serieuzer dan de grote partijen die elkaar uitsluiten, bakkeleien en er niet uitkomen.”

Politicoloog Tom van der Meer beaamt dat. “De stabiliteit van regeringen is afgenomen in Nederland. Niet door de kleintjes, maar omdat de grote partijen elkaar niet altijd meer wat gunnen. Kleine partijen zijn vaak juist wel bereid om te helpen.”

Niet de vele kleine partijen, maar de vele middelgrote partijen zetten volgens Van der Meer de bestuurbaarheid onder druk. “Voorheen hadden we twee grote partijen, het CDA en de PvdA, en één middelgrote partij, de VVD. Inmiddels hebben we vijf of zes middelgrote partijen. Daar zit de grootste verandering.”

Stemmen verloren

Bovendien levert het verhogen van de kiesdrempel ook problemen op. De stemmen op partijen die onder de kiesdrempel blijven steken, gaan verloren. Bij een kiesdrempel van 3 procent kan dat gaan om honderdduizenden stemmen, zegt Van der Meer. “En bij een drempel van 5 procent, zoals in Duitsland, gaat het al snel om meer dan een miljoen stemmen die we wegstrepen.”

In 2018 nam een staatscommissie, onder leiding van voormalig VVD-minister Johan Remkes, het parlementaire stelsel onder de loep. Die concludeerde dat een kiesdrempel pas werkt tegen versplintering als die op minimaal 10 procent staat.

Maar, zo concludeerde de commissie, zo’n hoge drempel zou in strijd zijn met ons gevoel van representatie. De huidige, lage kiesdrempel zorgt ervoor dat veel mensen zich vertegenwoordigd voelen “en dat de politiek zich kan verversen”, aldus Van der Meer, die ook in de commissie van Remkes zat.

De politicoloog heeft een ander, “minder ingrijpend” voorstel. “Verhoog het aantal handtekeningen dat nodig is om als nieuwe partij deel te nemen aan verkiezingen. Dat zijn er nu maar zo’n 600. Laat partijen eerst maar bewijzen dat ze genoeg draagvlak hebben.”

ChristenUnie-leider Bikker werkt ondertussen aan een tegenvoorstel “om de democratie te versterken”. “Hoe komt het nou dat kabinetten voortijdig vallen? Dat heeft niet te maken met partijen met drie zetels. Dat heeft te maken met gedrag van politici. Dat is een cultuur. Dat gesprek mag je prima voeren. Maar niet over de rug van partijen die zich altijd constructief hebben laten zien.”

Politiek duider Arjan Noorlander:

“De minderheidscoalitie is zelf hét voorbeeld van de bestuurlijke problemen in de Nederlandse politiek: er zijn zo veel partijen in het parlement dat het vinden van een meerderheid onmogelijk bleek. Het is dus ook niet zo gek dat diezelfde politiek zoekt naar oplossingen om de versplintering tegen te gaan. Een kiesdrempel is dan een logisch plan.

Maar de nieuwe coalitie is ook afhankelijk van steun van de kleine partijen om voor plannen meerderheden te krijgen. De coalitie liep vandaag, nog voordat het kabinet begonnen is, tegen die nieuwe werkelijkheid aan Sterker nog, de oppositie liet zien dat ze zich van links tot rechts weet te verenigen om beleid tegen te houden.

De coalitie van Rob Jetten hoopt samen met de oppositie zaken te doen. Dit is een duidelijke waarschuwing dat dit niet vanzelf gaat.”