Het is vrijdag de dertiende en uitgerekend op deze dag leidde demissionair premier Schoof zijn laatste ministerraad. Zijn avontuur als partijloos premier van een ongelukkig kabinet zit er na ruim anderhalf jaar op.

Over anderhalve week staat een nieuwe ministersploeg op het bordes van de koning. En daarmee is het kabinet-Schoof alweer geschiedenis. Er zal nog veel over worden gesproken, maar niet meteen in positieve zin.

Toch zei de demissionaire premier na afloop van de bijeenkomst dat hij “weemoed” voelt bij het afscheid. “Ik denk dat we op een aantal punten belangrijke stappen hebben gezet, bijvoorbeeld op asiel en veiligheid.”

Spanningen en conflicten

Van de ministersploeg die op 2 juli 2024 op het bordes van Paleis Huis ten Bosch poseerde, is nog weinig over. Eerst vertrok de PVV en een paar maanden later NSC, de toen gloednieuwe partij die inmiddels weer uit de Kamer is verdwenen.

Daardoor waren er bij deze laatste ministerraad alleen nog bewindspersonen van VVD en BBB. Die maakten het elkaar, ook in dubbel demissionaire staat, niet altijd gemakkelijk. Onlangs was er nog een knallende ruzie over het mestbeleid, die in de ministerraad moest worden beslecht.

Het kenmerkte het kabinet-Schoof van het begin af aan: er waren voortdurend spanningen en conflicten. De vier partijen die er aanvankelijk deel van uitmaakten, zagen er tijdens de lange formatie al nauwelijks heil in, ze gingen een gedwongen huwelijk aan.

VVD-vicepremier Hermans zei vanmorgen op weg naar de laatste vrijdagse vergadering dat ze niet trots is op het “politieke gedoe” binnen de regeerploeg. Het ging in de ministerraad te vaak “over onszelf”, vindt ze.

Wat is er bereikt?

En wat is in de tussentijd bereikt? Dit kabinet beloofde veel. “De zon gaat weer schijnen”, zei PVV-leider Wilders ruim anderhalf jaar geleden bij de presentatie van het akkoord tussen zijn partij, VVD, NSC en BBB.

Hij doelde onder meer op de asielinstroom. Het kabinet-Schoof zou met de strengste asielmaatregelen ooit komen. Maar die belofte is niet waargemaakt: er is nog geen beleid.

De asielwetten van oud-PVV-minister Faber liggen inmiddels in de Eerste Kamer, maar er wordt pas over gestemd als het nieuwe kabinet er is. Ondertussen is er – vooruitlopend op de strenge aanpak- al wel veel geld van de begroting gehaald.

Dat de asielwetten wel door de Tweede Kamer zijn geloodst, kan als een van de grootste verdiensten van het kabinet-Schoof worden gezien, samen met het extra geld dat voor Oekraïne en defensie is uitgetrokken.

Daar staat tegenover dat het bijvoorbeeld niet is gelukt om de stikstofuitstoot zodanig te verminderen dat het land van het stikstofslot kan en er weer meer vergunningen kunnen worden afgegeven voor bijvoorbeeld bouwprojecten.

Elf maanden missionair

De ploeg benadrukte vandaag dat het kabinet maar elf maanden missionair was en vervolgens, in juni 2025, viel. “Sommige dingen zijn niet gegaan zoals we graag hadden gewild”, zei Schoof, “maar daar hebben we ook niet de tijd voor gekregen.”

Er wordt wel gezegd dat het kabinet-Schoof één groot experiment was. Het was in naam extraparlementair, wat betekent dat er een grote afstand tussen kabinet en Kamer zou moeten zijn, maar in de praktijk hadden de partijleiders in de Tweede Kamer het voor het zeggen.

De vier partijleiders onderhandelden, soms tot diep in de nacht, over zaken als de Prinsjesdagbegroting en de Voorjaarsnota. En de kabinetsleden, die hun plannen moesten uitvoeren, hoorden dan achteraf wat er van hen werd verwacht.

Partijloze premier

Ook de partijloze premier werd als een democratische nieuwigheid gepresenteerd. Dick Schoof werd gevraagd, toen eenmaal was bedongen dat Geert Wilders, hoewel leider van de grootste partij, het ‘Torentje’ niet zou krijgen.

Schoof was de hoogste ambtenaar op het ministerie van Justitie en Veiligheid en eerder onder meer Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid. Hij had alleen achter de schermen ervaring met de politiek en was duidelijk niet gewend aan een plek in de spotlights.

Maar rond zijn laatste ministerraad krijgt hij niets dan lof. De leden van zijn kabinet zijn het erover eens dat de constructie niet werkt. “Je kan niet iemand premier maken als hij niet bij de belangrijkste overleggen kan aanschuiven”, zei staatssecretaris Rummenie vanochtend.

Schoof beaamt dat, maar hij noemt zichzelf nog steeds een optimistisch mens. “Zo ben ik begonnen en zo wil ik ook eindigen.” Hij vindt dat zijn kabinet alles heeft gedaan wat in de mogelijkheden lag. “In een belangrijke fase in de Nederlandse politiek heeft dit kabinet er gestaan.”